Metropoolregio Amsterdam zet circulaire inkoop op de kaart

  • 25-6-2018 07:02
“De Metropoolregio Amsterdam gaat serieus werk maken van circulaire inkoop”, stelt John Nederstigt, wethouder van de gemeente Haarlemmermeer. “Met onze gigantische inkoopkracht kunnen we echt een verandering in gang zetten”, beaamt zijn Lelystadse collega Elly van Wageningen.

Onlangs ondertekenden de MRA-partners de Intentieverklaring Circulair opdrachtgeverschap en Circulair inkopen. Hierin spreken zij uit vaart te zetten achter het circulair inkopen van goederen, producten en diensten. Bedoeling is dat de MRA-partners in 2022 gezamenlijk tenminste 10% van hun producten, goederen en diensten circulair inkopen. Dit is overigens slechts een eerste mijlpaal, want in 2025 moet al een groei tot 50% zijn gerealiseerd. 

Ratjetoe
Wethouders John Nederstigt en Elly van Wageningen, de twee bestuurlijke trekkers voor deze klus, zijn blij dat de kogel door de kerk is. Het was namelijk geen geringe opgave om alle partners zover te krijgen. De argumenten spreker echter voor zich, geeft Nederstigt aan. “Als je voldoende massa hebt, dan gaan marktpartijen bewegen. Dan veranderen ze hun huidige manier van werken naar circulair. Door samen op te trekken in de MRA, kunnen we die massa maken. Neem reststromen. Als iedere MRA-gemeente dit voor zichzelf organiseert, krijg je een ratjetoe. Pak je dit gezamenlijk, dan maak je voldoende massa en volgt de markt de vraag.” Van Wageningen wijst in dit verband op de omvang van de Metropoolregio Amsterdam. “We zijn een grote regio met veel ontwikkelcapaciteit. Door al die krachten te bundelen, kunnen we echt een vuist maken. Vergeet niet dat we praten over een jaarlijks investeringsbedrag van maar liefst vier miljard euro.”

Spijkers met koppen slaan
Beide bestuurders zijn blij dat in de intentieverklaring fikse doelstellingen zijn opgenomen. “Het percentage van 50% circulaire inkoop in 2025 zet alle partners op scherp”, vindt Van Wageningen. “Dit dwingt ons om spijkers met koppen te slaan en daadwerkelijk toe te werken naar gezamenlijke inkoopafspraken. We gaan vanaf nu strikt kijken naar alle opdrachten die wij uitzetten binnen de MRA.” Als voorbeeld noemt de wethouder de recycling van matrassen in haar gemeente door het bedrijf Retourmatras. “Zo’n fabriek kan alleen maar bestaan als we meer aanbod krijgen dan alleen van Lelystad. Daar kunnen we nu in MRA-verband gezamenlijk afspraken over maken. Ook andere bestaande initiatieven worden hierdoor levensvatbaarder. De nu neergelegde ambitie biedt bovendien allerlei kansen om nieuwe uitdagingen versneld op te pakken.” Nederstigt onderschrijft haar woorden. “Zonder harde doelstelling zet je de boel niet in beweging. Met dit percentage geven we een duidelijk signaal aan de markt. Partijen weten nu dat zij zich moeten aanpassen. Zo niet, dan liggen zij er over een paar jaar gewoon uit. Tegelijkertijd zet het alle ondertekenaars op scherp.” Hij vindt dan ook niet dat de MRA de lat te hoog legt. “Ik ben ervan overtuigd dat de eerste 10% het moeilijkst is en dat de overige 90% vervolgen snel zal volgen.”


John Nederstigt: “Met de 50%-doelstelling geven we
een duidelijk signaal aan de markt”

Stap verder
Al langer participeren de MRA-partners in het landelijke traject Maatschappelijk Verantwoord Inkopen. Wat voegt de intentieverklaring daar nog aan toe? “Circulaire inkoop gaat een paar flinke stappen verder”, legt Nederstigt uit. “Hiermee richten we ons namelijk op 100% hergebruik van grondstoffen. Dat stelt ook eisen aan het ontwerp van producten.” Met de nu gemaakte afspraken kan de MRA bovendien een aanjaagfunctie vervullen, vult Van Wageningen aan. “Naast het inkooptraject hebben we specifieke afvalstromen gekozen om via directe bemoeienis de restwaarde te optimaliseren. Concrete voorbeelden zijn onder meer luiers, textiel, plastic, metaal, drankenkarton en bouw- en sloopafval. Op die manier verminderen we rechtstreeks de afvalstromen, terwijl het aanbod aan circulair te benutten grondstoffen toeneemt.” 

Smeerolie
Nederstigt en Van Wageningen zijn vast van plan serieus werk te maken van hun rol als bestuurlijke trekkers voor de MRA. Daarin lopen meerdere sporen: de intentieverklaring vormt slechts één onderdeel van het bredere Ontwikkelplan Circulaire Economie Metropoolregio Amsterdam. Dit moet ervoor zorgen dat de MRA tot de meest circulaire grootstedelijke regio’s van Europa gaat behoren. Nederstigt: “Eén van onze taken is om de ambtelijke ondersteuning met goede opdrachten op pad te sturen, daar zijn wij leidend in. Ook zijn wij het gezicht naar buiten. Hierdoor voelen de trekkers dat er echt bestuurlijke steun is voor hun activiteiten. Wij zijn de smeerolie en geven zo nodig af en toe een extra zetje.” Van Wageningen wijst er op dat haar collega zich voorheen in MRA-verband focuste op de circulaire inkoop en zij op afvalstromen. “Deze onderwerpen hebben ontzettend veel met elkaar te maken. Nu we onze  krachten hebben gebundeld, kunnen we nog beter samenwerken. Wij komen ook regelmatig samen om te kijken wat de volgende stappen zijn.”


Wethouder Elly van Wageningen (Lelystad): “We praten over een
jaarlijks investeringsbedrag van maar liefst vier miljard euro”

Doorbraak
Nederstigt is ervan overtuigd dat het investeringsvolume van vier miljard per jaar ook landelijk voor een doorbraak kan zorgen. “Onze inkoopkracht is gigantisch. Daarmee kunnen we daadwerkelijk in relatief korte tijd de markt in beweging kunnen zetten.” In het verlengde hiervan spreekt zijn Lelystadse collega de hoop uit dat het Rijk grondstoffen gaat verbieden wanneer hiervoor volwassen circulaire alternatieve grondstoffen beschikbaar zijn. “Met die stip op de horizon kunnen we nog harder meters maken. Dat brengt een enorme dynamiek te weeg.” Een andere wens van haar is om de kosten van afvalverwerking door te trekken in de prijzen van niet-circulaire producten. Hetzelfde geldt voor het in de prijs opnemen van de nevenschade op mens en milieu via de uitstoot van met name verontreinigde lucht. “Het niet doorberekenen van deze kosten is in feite oneerlijke concurrentie ten opzichte van circulaire producten.”

Van Wageningen vindt het tot slot belangrijk dat de MRA-partners nu direct de mouwen opstropen. “Gaandeweg ontdekken wij vervolgens wel wat de echte winstpakkers zijn. Laten we nu vooral de daad bij het woord voegen. Ook kunnen wij als MRA gaan samenwerken met andere organisaties. Bedrijven gaan dan vanzelf wel aanhaken zodat het nog sneller gaat. Daar moeten we naar toe!” Nederstigt heeft nog een laatste advies aan zijn collega-bestuurders. “Kijk in eerste instantie niet naar wat haalbaar is, maar concentreer je op wat nodig is en ga vanuit dat principe aan de slag. Samen met alle betrokken bedrijven en instellingen staan we immers voor de opgave om een duurzame samenleving te creëren. Dat zijn we verplicht aan onze kinderen en kleinkinderen. ”

Documenten 

John Nederstigt: “Met de 50%-doelstelling geven we een duidelijk signaal aan de markt”